Tiffany

De naam Tiffany is afkomstig van de Amerikaanse glaskunstenaar Louis Comfort Tiffany (1848 -1933).
Hij ontwikkelde de techniek om kleine stukken glas met behulp van koperfolie aan elkaar te solderen zodat je er op ronde mallen ook vormen van glas kan maken. Zo ontstonden de beroemde Tiffany-lampen.
Dit is een van de verschillen met het maken van glas-in-lood. Glas-in-lood is altijd vlak.

De techniek gaat als volgt:
Je maakt eerst een ontwerp of neemt een patroon over op papier.
Hierna zoek je soorten en kleuren glas uit en kijkt of ze combineren. Je tekent de patronen op het glas met een glasstift. Dan snij je de glasdelen en slijpt ze passend op een slijpmachine. Als alle delen goed aansluiten kunnen ze in koperfolie worden gezet. Dan worden de glasdelen op een mal gepositioneerd of in het platte vlak op het patroon. Nu komt het solderen. Het soldeertin komt op de koperfolie en krijgt hierdoor zijn stevigheid. Als het werkstuk klaar is gaat het nog in een patina bad voor de kleur afwerking.

Vooral de Tiffany techniek biedt talloze mogelijkheden: lampen, spiegels, raamhangers, decoraties, plantenbakjes, ramen en zelfs deurramen zijn erg decoratief.



Het idee


Het benodigde materiaal en gereedschap


Het aftekenen van de mal op het glas


Het snijden van het glas


Het gesneden glas


Na het afslijpen van de scherpe punten het plakken van de folie.


Het eindresultaat